Je moet het wel heel bont maken wil je de borg niet terugkrijgen.

Veel studenten zullen het kennen. Je zegt je huurcontract op en je gaat je kamer uit. De kamer wordt door jou schoongemaakt en dan krijg je van de verhuurder te horen dat de borg wordt ingehouden. De reden: de kamer is niet opgeleverd zoals afgesproken, of er blijkt ‘ineens’ iets gerepareerd of vervangen te moeten worden. Kan dat zomaar? Het antwoord is kort: nee! 

De borg mag alleen door een verhuurder aangesproken worden wanneer er herstelwerkzaamheden moeten worden uitgevoerd die door jouw toedoen moeten worden uitgevoerd. Het gaat dan om echte reparaties. Het vervangen of herstellen van zaken die door normaal gebruik stuk zijn gegaan of versleten zijn horen daar niet bij. Een andere reden om de borg (deels) in te houden is in het geval van een betalingsachterstand; wat voor zichzelf spreekt. 

Het veelgehoorde argument van verhuurders is dat de kamer of woning niet is opgeleverd in dezelfde staat als bij intreding. Dit wordt door huurders vaak voor waar aangenomen. Het klinkt plausibel, maar dit argument is alleen steekhoudend als aan het begin van de huurovereenkomst een opnamestaat is gemaakt. Uit deze opnamestaat moet duidelijk blijken in welke staat jij de kamer hebt aanvaard. Is deze opname staat er niet, dan ligt de bewijslast dat schade door jouw schuld is ontstaan bij je verhuurder en niet bij jou. Dit heeft te maken met het feit dat jij als huurder niet zomaar voor allerlei kosten kunt worden aangesproken. Als huurder sta je hier dus behoorlijk sterk.  

Laat je daarom als huurder niet afbluffen. Dus, ben jij net uit je kamer of woning gegaan en heb je de borg niet teruggekregen: Let us know en wij gaan voor jou aan de slag!